Interview met Maartje Rasker, een van de deelnemers aan Gluren bij de duurzame buren
Door Paul van Os
Maartje Rasker kocht in 2021 haar woning in de Kleverparkbuurt, een rijksmonument uit 1921. Maartje besloot om de woning duurzamer te maken omdat ze veel belang hecht aan de omslag naar een duurzame samenleving. “Ik wilde de verbouwing doen voordat mijn dochter en ik er gingen wonen. Ik had al eerder een huis laten verbouwen en wist daardoor wat er allemaal bij kwam kijken. Mijn voornaamste doel van de verbouwing was om van het gas af te kunnen. De Oekraïne Oorlog liet zien dat de prijzen van gas en daarmee de prijzen van energie leveringscontracten enorm konden stijgen. Al mijn vriendinnen met variabele contracten hebben last gekregen van die prijsstijgingen.”

Een ingewikkelde klus
Toen Maartje ging uitzoeken welke maatregelen ze het beste kon nemen op basis van haar budget, de staat waarin haar woning verkeerde en de (on)mogelijkheden gezien de monumentstatus, bleek dat tamelijk ingewikkeld en tijdrovend. Subsidie- en financieringsmogelijkheden waren niet eenvoudig te achterhalen. De rijksmonumentale status van het pand verbood het plaatsen van zonnepanelen omdat die het aanzicht zouden veranderen. Maartje: “Uiteindelijk heb ik besloten om een deskundige te zoeken. Ik heb iemand gevonden die integraal advies kon geven over zowel de verbouwingsmogelijkheden als de subsidiemogelijkheden.”
Bundeling van krachten
Maartje heeft daarnaast ook veel mensen in haar netwerk naar hun ervaringen met verduurzaming van hun woning gevraagd. “Daar heb ik veel aan gehad. Iedereen maakt specifieke dingen mee en heeft tips en ervaringen waar ik gebruik van kon maken.“
Via de makelaar waarmee ze haar huis heeft gekocht, heeft ze een goede aannemer gevonden. Die kon echter pas een jaar later aan de klus beginnen. Het voordeel daarvan was wel dat zowel de planvorming over de te bereiken isolatiegraad, alsook de materialen en de installatie van apparaten (warmtepomp en warmteboiler) daardoor prima op elkaar konden worden afgestemd. Die combinatie van adviseur, aannemer en eigenaar (Maartje) bleek goed te werken, mede dankzij goed onderling overleg.
Maartje: “Eigenlijk is het verduurzamen van elk huis maatwerk. Elk huis is weer anders en biedt andere mogelijkheden en belemmeringen. Kan je wel of niet in de kruipruimte komen? Zijn er dingen die je niet mag doen omdat het een monument is? Wil je een bestaande parketvloer wel of niet handhaven? Enzovoort.“
Leerpunten
Het aanvragen en het claimen van rijkssubsidie blijkt een ingewikkeld en bureaucratisch proces te zijn. “Het is echt noodzakelijk om zelf of via de aannemer precies bij te houden welke verduurzamingsmaterialen in welke hoeveelheden voor welke isolatiedoelen zijn gebruikt. Ook alle bonnetjes moeten worden bewaard. Uiteindelijk is het best veel werk voor betrekkelijk weinig isolatiesubsidie.” Op de apparaten (warmtepomp, elektrische- en warmtepompboiler) heeft ze wel veel subsidie gekregen.
Maartje werd gewaarschuwd voor te intensieve isolatie waardoor er juist weer ventilatie problemen zouden kunnen ontstaan. “Daarom heb ik niet alles aangepakt. Bijvoorbeeld aan de voorkant zitten nog gewoon voorzetramen. Het kan nog een beetje tochten in huis wat net een aangenaam klimaat geeft”.
Wat Maartje achteraf jammer vindt, is dat ze te weinig aangedrongen heeft bij de aannemer om circulair of biobased isolatiemateriaal te gebruiken. De bouw blijkt een erg traditionele sector waarbij het gebruik van vernieuwende materialen niet vanzelfsprekend is. Daardoor zit er helaas niet-duurzame isolatie in haar huis.
Tenslotte zou ze, als ze het nu ging doen, overwegen om een warmtepomp met een hogere capaciteit aan te schaffen die tot temperaturen flink onder nul goed en voldoende functioneert. Haar huidige warmtepomp functioneert tot ongeveer 5 à 6 graden buitentemperatuur. Als het kouder wordt schakelt de elektrische boiler aan en hoewel het dan prima warm wordt, is dat nogal duur in elektriciteitsverbruik. “Toen ik voor de keuze stond, hadden die grotere warmtepompen zo’n grote en zware buitenunit, dat ik die niet kon plaatsen.”
En nu?
Inmiddels heeft Maartje bijna drie jaar ervaring met de effecten van de verduurzamingsmaatregelen in haar huis. De gemiddelde maandlasten voor energie zijn ongeveer 160 euro voor haar huis van ruim 100 vierkante meter. “Ik vind het een heel comfortabel huis met een fijn binnenklimaat.”
Terugkijkend op het proces vindt Maartje dat de uitvoering van de werkzaamheden goed overeenkwam met de eerder gemaakte planvorming. “Alles overziend vind ik dat het wel goed is gegaan. Ik heb mijn doel bereikt en ben van het gas af. Ik zou wel beter vooraf nagaan welke soorten isolatiemateriaal er allemaal bestaan voor wanden, vloeren, plafonds en daken. En dan zou ik nu voor biobased materiaal kiezen. Verder zou ik iedereen die aan zo’n verduurzamingsproces begint wel aanraden om de lijnen kort te houden met iedereen die betrokken is bij de verbouwing, zoals de aannemer, leveranciers, adviseurs, etcetera. Zorg ervoor dat je zelf contact met hen hebt, of kunt hebben als het nodig is.”